Sharon Dijksma staat als wethouder verkeer en vervoer in Amsterdam voor een aantal grote opgaven om ondanks de toenemende drukte de stad bereikbaar en aantrekkelijk te houden. In een interview met het Parool geeft ze aan moeilijke zaken zoals het opheffen van zeven à tienduizend parkeerplaatsen volgens de aanpak van de participatiedemocratie te willen oplossen. Wat ze daaronder verstaat? “Dat betekent in mijn taal dat je mensen meeneemt en vraagt: wat willen jullie eigenlijk?” Dit alles wel vanuit de gedachte dat die plaatsen wel verdwijnen, maar dat het tempo en de locaties bespreekbaar zijn. Een dialoog binnen kaders wordt dit ook wel genoemd. Maar of er onder deze condities bereidheid zal zijn bij de amsterdamse autobezitters om actief te participeren is voor mij nog wel de vraag, laat staan dat zij dat als ‘feest van de democratie’ ervaren.

Chocoladeparticipatie

Een andere in mijn ogen exotische invulling van het begrip participatie kwam ik tegen tijdens het Logeioncongres, waar filosoof-bestuurskundige Maurice Specht het eten van chocolade van Tony Chocolonely betitelde als participatie. Immers: je toont betrokkenheid met de idealistische gedachte achter het chocolademerk. Specht gaf een mooi overzicht van de motieven die de grondslag kunnen vormen voor de wens tot een participatieve aanpak: het versterken van de legitimatie; het gezamenlijk beter aankunnen van de complexiteit (er zitten meer hersens buiten je hoofd, dan in je hoofd); de collectieve zingeving; economisch (het vinden van partijen die willen bijdragen aan de financiering); sociaal – het mobiliseren van groepen om zich achter een initiatief te scharen,

Bijdragen aan de publieke zaak

Zelf zie ik participatie vooral als actieve deelname in besluitvorming. Door mee te denken, mee te doen of in ieder geval betrokkenheid te hebben met het besluitvormingsproces. Met als ultieme vorm van betrokkenheid het zelf aan de slag gaan om zaken gedaan te krijgen die bijdragen aan de publieke zaak, zoals het opzetten van een collectief om duurzame energie op te wekken, een buurttuin te realiseren of een buurtbibliotheek op te richten (een prachtig project van Maurice Specht in Rotterdam West).

Opwekkende omgeving

Participatie ontstaat niet vanzelf, er moet vertrouwen en bewijs zijn dat inbreng serieus wordt genomen en werkelijk wordt gebruikt in de verdere uitwerking/ realisatie van plannen. Specht voegt daar de opwekkende omgeving aan toe. Wat dat inhoudt wordt snel duidelijk als je kijkt naar de programmering van het driedaagse festival “We make the city” dat vorige week in Amsterdam werd gehouden: een kleurrijk ecosysteem van bottom up initiatieven die de stad beter maken. In samenwerking met stadsbestuurders en bevlogen instellingen en organisaties. Ik vind het een mooie opgave om bij participatietrajecten je steeds af te vragen of het mogelijk is die opwekkende omgeving er ook echt te laten zijn.

Delen
Deel het bericht in je netwerk








Verzenden