Gister was het 11 september, of ook wel: nine eleven. Een dag die de wereld op zijn kop heeft gezet. De aanslagen op het World Trade Center in New York op 11 september 2001 hebben de wereld veranderd. Het heeft onze kijk op de wereld veranderd, met als centrale woord: terrorisme. Hoe kan dit? Want het woord terrorisme bestond voor 9/11 wel, maar was zeker niet zo’n gebruikelijk woord als het vandaag de dag is. Hoe heeft het woord ‘terrorisme’ zijn weg gevonden naar de huidige samenleving?

Dit heeft alles te maken met framing. Framing is een theorie die onder andere wordt gebruikt in communicatieonderzoek en vaak wordt toegepast in de politiek, maar waar iedereen (bewust of onbewust) dagelijks mee te maken heeft. Kort gezegd komt het er op neer dat je bij framing bepaalde aspecten naar voren brengt en andere aspecten verbergt, waardoor je de luisteraar leidt naar de gewenste interpretatie. Het frame kan zo je perceptie van de werkelijkheid beïnvloeden. Zo heeft ook voormalig president George Bush jr. ons beeld van de werkelijkheid veranderd. De door Bush gestartte ‘War on Terror’ heeft er voor gezorgd dat wij niet alleen Al Qaida maar terrorisme in het algemeen als de grootste bedreiging voor deze wereld zien. Ook dit is duidelijk een geval van framing. De selectie van woorden en beelden van Bush jr. bepalen hoe wij de wereld nu zien.

Gisteravond woonde ik een college over framing bij. Samen met mijn collega Monica Wigman was ik aanwezig bij het eerste college van een cyclus open colleges over verschillende onderwerpen uit het communicatievak, gegeven in de Nieuwe Energie in Leiden. Hoewel ik begin dit jaar blij was de collegebanken achter me te laten, was het weer erg leuk en interessant – nu als werkende young professional – een college over framing te volgen. Met vele praktijkvoorbeelden was het een erg boeiend college. Een recent voorbeeld: MH17, een aanslag of ramp? Ook werd aan het eind van het college stil gestaan bij reframing: wat te doen als je wordt geconfronteerd met een lastig frame? Er is niet één formule hoe je hier het beste op kunt reageren. Wel gaf prof. dr. Jaap de Jong (Universiteit Leiden) ons enkele tips.

  • reageer (wanneer gepast) met humor waardoor je de rollen om kunt draaien;
  • timing: hoe sneller reageren, hoe beter;
  • beantwoord het frame vanuit persoonlijke betrokkenheid: laat jouw identificatie, relatie en vertrouwen zien. Eerst relatie dan pas informatie.

En een gouwe ouwe: schiet niet in de ontkenning. Ontkennen is bekennen. We kennen ‘m allemaal wel: “denk niet aan een roze olifant”. Waar denk je nu aan? Precies: een roze olifant!

Delen
Deel het bericht in je netwerk








Verzenden